30/12/’99 18:50
‘Met Jonas de Leeuw?’
‘Jonas! Ik ben er! Ik sta op het station!’
Rosa kan zich nauwelijks bewegen in de nauwe telefooncel.Ze
probeert haar rugzak af te laten glijden, terwijl ze met haar
schouder de hoorn tegen haar oor drukt.
‘Rosa! We dachten al dat je niet meer kwam! We hebben ruim
een uur staan wachten!’
‘Het was een gekkenhuis onderweg, Jonas! Het leek wel of heel
Nederland in de trein zat.We moesten voor elk station wachten
en ik heb bijna de hele tijd moeten staan! Er waren wel tien
mensen voor me die allemaal wilden bellen...’
‘Vertel straks maar verder, Roos. Blijf waar je bent en verroer je
niet,we komen je redden!’
Verroer je niet, dat is niet zo moeiljk in deze rotcel, denkt Rosa.
Met veel moeite wurmt ze zich naar buiten,waarbij het hengsel
van haar zware rugzak klem komt te zitten tussen de dichtklappende
deur. Ze voelt de tranen in haar ogen prikken. Ze
heeft ook weer veel te veel meegenomen.Alsof ze drie maanden
van huis gaat, in plaats van drie dagen.
Ondanks de kou staat het zweet haar op de rug.Ze heeft al vaker
alleen gereisd, maar deze keer was het verschrikkelijk. Normaal
duurt de reis anderhalf uur, maar nu is ze ruim vier uur onderweg
geweest! De trein was zo volgepakt dat ze het er benauwd
van kreeg en de rit duurde eindeloos. En al dat geklets over het
millenniumprobleem! Al die opwinding, al dat gezeur over de
geweldige mega-turbofeesten waar iedereen blijkbaar naartoe
ging. Nou daaag, tot de volgende eeuw, hè? Ha, ha,wat geestig.
Rosa blaast in haar handen en kijkt om zich heen. Het is al
donker, maar op het kleine station wemelt het nog steeds van
de mensen. Auto’s rijden af en aan om familieleden of vrienden
op te halen. Maar dat is nog niets vergeleken bij de drukte
op het station in Den Bosch waar ze vandaan komt. Ze heeft
pijn in haar buik van de spanning. Zou ze Jonas nog herkennen?
Ze heeft hem heel lang niet meer gezien, ze hebben wel
gebeld en vooral veel ge-e-mailed op de computers van hun
ouders. En wat zou haar moeder nu aan het doen zijn? Ze staat
zich vast en zeker op te doffen voor het feest waar ze heen gaat.
Rosa is blij dat ze niet mee hoefde. Ze zou zich alleen maar
geschaamd hebben voor haar moeder en haar nieuwe vriend.
Rosa zucht diep. Haar vader en moeder zijn twee jaar geleden
gescheiden.Toen kwam Alexander en net toen ze een beetje
aan hem gewend was, kreeg haar moeder genoeg van hem en
ruilde ze ’m in voor een jonger exemplaar. Elf jaar jonger dan
zij! Rosa wrijft hard over haar koude oren.
En haar vader? Hoe zou het met hem zijn? Ze wilde naar hem
toe, maar hij zei door de telefoon dat hij met een keelonsteking
in bed lag.
Rosa schrikt op uit haar gedachten door luid getoeter achter
haar.
Jonas springt uit de auto en rent naar haar toe. Opgelucht ziet
ze dat hij niet veel veranderd is.Nog steeds dezelfde Jonas met
zijn vriendelijke gezicht, z’n bruine krullenbol en dat kleine
brilletje.Vlak voor haar staat hij stil. Het lijkt even of hij haar
een zoen wil geven. ‘Hallo Rosa, gaaf dat je er bent,’ zegt hij
verlegen. Jonas’ vader stapt ook uit en kust Rosa hartelijk op
haar beide wangen.‘Dag meissie, je zal wel moe zijn, hè, na die
lange reis!’ Hij tilt de rugzak op en pakt haar bij de arm.‘Kom,
stap gauw in de auto, daar is het lekker warm.’
Rosa kijkt naar buiten. Het is druk op de weg. De straten zijn
overdadig versierd met lichtjes.Op het dorpsplein staat een heel
groot bord omlijst door dennentakken. Nog negenentwintig
uur, achttien minuten en eenenvijftig seconden tot het jaar
2000, staat er met lichtreclameletters op.
Jonas ziet waar ze naar kijkt. ‘Spannend hè, dat de eeuw bijna
voorbij is?’
Rosa knikt.‘Best wel. Maar ik word er ook een beetje gek van,
hoor. Iedereen heeft het er de hele tijd over. En al dat gedoe
over het millenniumprobleem...Wat is een nieuwe eeuw nu
helemaal? Eigenlijk zijn het ook gewoon maar cijfertjes, die
mensen bedacht hebben.’
‘Ja, maar daar zit ’m juist het probleem, Rosa,’ zegt Jonas’ vader,
die heeft meegeluisterd.‘Het probleem zit in de cijfertjes...’
‘O, pap, nee, nu ga je niet weer beginnen!’ onderbreekt Jonas
hem. ‘Hij kletst iedereen plat over het millenniumprobleem,
Rosa. Luister maar niet naar hem. Hij denkt dat het helemaal
mis zal gaan, over negenentwintig uur, zestien minuten en nog
wat. Je moet maar eens zien wat er allemaal bij ons in de schuur
staat!’