Hoe het begon?
Het eerste deel
Het eerste deel van de Hoe overleef ik...-serie heb ik in 1998 geschreven. Het heet Hoe overleef ik mijn vakantie? Rosa en Jonas waren toen nog een stuk jonger: elf jaar, bijna twaalf. Ik had toen totaal nog geen idee ervan dat het zo’n lange en succesvolle serie zou worden.
Hoe overleef ik mijn vakantie?
De Hoe overleef ik…-serie is begonnen met het idee dat ik graag een boek wilde maken dat leuk was om te lezen, en waar je ook nog iets van op kon steken.En op een goed moment borrelde er een herinnering omhoog. Een avontuur dat ik zelf had meegemaakt...
Toen ik twaalf was waren we op vakantie op Corsica. Op een middag maakten mijn vader, mijn jongste zusje en ik een wandeling door de bergen.
Het was heel mooi en spannend, maar op een gegeven moment begon het wel erg lang te duren en werden we moe.
‘Pap, we zijn hier al geweest! We lopen rondjes!’ klaagden mijn zusje en ik.
‘Nee, nee, helemaal niet,’ zei mijn vader, ‘dit is echt het pad naar de auto. We zijn er bijna.’
Nou, mooi niet dus. Na uren sjouwen waren Sten en ik totaal uitgeput en hadden we de blaren op onze zielige kindervoetjes. En mijn eigenwijze vader blééf maar volhouden dat we echt goed gingen. 'Ik weet het zeker! Na de volgende bocht zijn we er!'
Maar na die bocht was er nog een, en nog een en alles leek op elkaar. We waren hoog in de bergen en helemaal alleen.
Langzamerhand ging de zon onder, en werd het kouder. We kregen honger en dorst en we hadden niks bij ons, want we zouden maar een klein tochtje maken.
Nou, het werd de langste wandeling van ons leven!
Ten slotte, toen het bijna helemaal donker was (en zelfs mijn vader een beetje ten einde raad was) heeft een oude man ons gevonden. Hij was heel vriendelijk en bracht ons naar een berghut, waar hij zijn eten met ons deelde.
Het was veel te ver om nog naar beneden te lopen, en gevaarlijk bovendien, dus we hebben in de hut geslapen.
Onder een kriebelende deken en onder de mooiste sterrenhemel die ik ooit gezien had.
De meneer (ik weet helaas zijn naam niet meer) was geen vrijheidsstrijder, dat heb ik erbij verzonnen. Hij was gewoon iemand die heel graag door de bergen wandelde en grote tochten in zijn eentje maakte.
Ik was erg onder de indruk van al die kogelgaten die ik overal zag, in muren van huizen en vooral in borden langs de weg. Die waren er dus in geschoten door de vrijheidsstrijders.
Zo gaat dat in het hoofd van een schrijver: je kunt de dingen lekker veranderen en naar je hand zetten. Waar gebeurd en verzonnen door elkaar heen!
En als je iets meemaakt, heb je ook iets om over te schrijven. Of zoals Jonas zegt: Spannende avonturen zijn leuk, als je ze tenminste na kunt vertellen!
Zo zie je maar... als je iets meemaakt, heb je ook iets om over te schrijven.
Hoe overleef ik het jaar 2000?
Na Hoe overleef ik mijn vakantie? diende het doembeeld van het jaar 2000 zich aan (de ‘milleniumbug’). Een heleboel mensen dachten toen echt dat het mis zou gaan met de computers en dat we terug zouden vallen tot de steentijd. Dat we binnen de kortste keren weer in berenvellen, rondzwaaiend met knuppels zouden rondrennen (beetje overdreven).
Ik vond dat best eng (ik heb een levendige fantasie, zoals jullie weten en soms heb ik daar ook een beetje last van), maar tegelijkertijd vond ik het ook heel spannend. Wij woonden toen in Limboland, vlak bij de DSM, een giga-chemische fabriek. Je begrijpt dat ik me daar wel het een en ander bij kon voorstellen. Het boek dat ik schreef heette dus Hoe overleef ik het jaar 2000?
In dit boek is de locatie, de plek waarop het verhaal zich afspeelt, echt. De tekening voorin het boek, is de boerderij waar ik toen woonde. Het dorpje heet Helle, niet Welle.
We hebben nog geprobeerd om het eerste exemplaar (eind 1999) uit te reiken aan de directeur van de DSM. Eerst vond hij het een heel leuk idee, maar een paar weken later werden we door zijn secretaresse opgebeld dat hij het toch niet zo’n goed plan vond en afzei. Ha, ha, intussen had hij de tekst waarschijnlijk gelezen!
Hoe overleef ik de brugklas?
Na Hoe overleef ik het jaar 2000? vond ik dat Rosa en Jonas een beetje uitgesurvivalled waren. Op het gebied van overleven in de natuur dan. Ik bedacht dat de puberteit eigenlijk ook een soort jungle was, waarin je maar moest zien te overleven, en je weg moest zien te vinden, En ik vond (en vind) dat kinderen in die leeftijd daarvoor ook best survivaltips voor konden gebruiken. Daarnaast vond (en vind) ik het eigenlijk veel leuker om over gevoelens en emoties te schrijven.
Mijn oudste zoon ging in die tijd naar de middelbare school. De brugklas, jungle bij uitstek! Ook herinnerde ik me nog levendig, hoe ik het in de brugklas vond: doodeng.
Ik was ook naar Groningen verhuisd en had van de een op de andere dag een stiefvader (die ik niet aardig vond).
Na Hoe overleef ik de brugklas? kregen Rosa, jullie en ik de smaak goed te pakken. Elk jaar verscheen er een deel met nieuwe avonturen.
Er zijn inmiddels dertien Hoe overleef ik...-delen verschenen.
Dit is de volgorde:
Hoe overleef ik mijn vakantie? (1998)
Hoe overleef ik het jaar 2000? (1999)
Hoe overleef ik de brugklas? (2000)
Hoe overleef ik mijn eerste zoen? (2001)
Hoe overleef ik mezelf? (2002)
Hoe overleef ik een gebroken hart? (2003)
Hoe overleef ik met/zonder jou? (2004)
Hoe overleef ik mijn ouders? (en zij mij!) (2005)
Hoe overleef ik (zonder) liefde? (2006)
Hoe overleef ik met/zonder vrienden? (2007)
Hoe overleef ik mijn vriendje? (en hij mij!) (2008)
Hoe overleef ik (zonder) dromen? (2009)
Hoe overleef ik mijn vader? (en hij mij!) (2010
Lees ook de Hoe overleef ik...-boeken (en meer)! en En elk einde is een nieuw begin!